Historie van de punter

De historie van de punter kent vele facetten, hieronder vindt u een aantal stukken over het ontstaan van de punter.

De overijsselse punter

Temidden van het rond en platbodem geweld, is de Overijsselse punter een wonder van eenvoud en veelzijdigheid. Het is een (h) eerlijk vaartuig voor hen die genieten van het echte oervaren. Welke platbodem met een diepgang van amper 20 cm heeft een vaargebied van het kleinste slootje tot en met de waddenzee? Dit laatste is mogelijk met een zeepunter en een ervaren schipper. Er kan zelfs aan boord gebivakkeerd worden, terwijl een motor niet noodzakelijk is om ergens te komen.

foto historie punter
Technisch gesproken is de punter een smal knikspant vaartuig tot ruim 8 meter lang, met recht vallende stevensop een vaak dubbel lancetvormig vlak (bodem). Waarmee de zijden – meestal een brede gang- een vrij scherpe kim (hoek tussen zijde en bodem) vormen en waarbij de boeisels (bovenboorden) licht invallen of verticaal staan (def. N.van den Sigtenhorst).

Zoals vele andere voormalige bedrijfsvaartuigen bleken ook de punters aantrekkelijke pleziervaartuigen. Dat is niet zo vreemd als je bedekt dat de punters van nu gebaseerd zijn op vele eeuwen ervaring met punterbouw en puntervaren. Hierdoor ontstond een prachtig stuk “vaargereedschap”, doelmatig, sterk, harmonieus en mooi.

foto homeDe bouw van de punter is altijd maatwerk geweest (custon built heet dat tegenwoordig). Het bouwmateriaal was meestal eikenhout. Geen 2 punters zijn dus exact gelijk. Het is in dit verband interessant om je te realiseren dat veel ontwikkeling en vooruitgang is gebaseerd op gunstig uitvallende verschillen.

 De bekendste punter is ongetwijfeld de “Gieterse punter” oftewel de achtspander. Dit was (is) een echte “allrounder” en kwam dan ook in grote aantallen voor. De lengte is ong. 6.30 m. bij een breedte van ong. 1,5 m. Soms waren ze voorzien van roeiwerk en of een kaar (ruimte om gevangen vis levend te bewaren). Het enkele zwaardje was symetrisch van vorm en had een handgreep voor het omhangen. Geboomd, geroeid (Beltschutsloot) of zeilend met hun zo karakteristieke spriettuig waren de punters eeuwenlang beeldbepalend in N.W. Overijssel en vooral Giethoorn.

Wat minder bekend is het kleinste en waarschijnlijk jongste familielid het “bootie”, een vlotte verschijning, met voor een zgn. binnensteven, achter een klein spiegeltje, roeiwerk en soms en kaar. Vaak kon er een klein sprietzeiltje op. De lengte was ong. 5m. en de breedte ruim 1m., hoewel dit latste vaak afhing van de leeftijd van de besteller.

foto historie punter 1
Vervolgens zijn er nog 2 “zwaargewichten”; het “vlot” met een lengte van nog geen 10 m. en voorzien van een boeisel en de “bok”, die gewoonlijk een paar meter langer is. Beide zijn bedoeld voor het zware vervoer. Een door 2 man geboomde bok met een lading om en om staande koeien aan boord statig door het landschap schuivend, blijft een uniek gezicht.

Tenslotte komen we bij de “kaar” en “deken” punters (een deken is een lage kaar met een trogje erop als toegang) Deze punters werden speciaal gebouwd voor de vissers op het wat ruimere water van Kuinre en Elburg. Het zijn echte zeilpunters. De boeisels zijn veel hoger, de stevens zijn langer en voorzien van stevig beslag, er hangen 2 echte zeezwaarden aan met een goed profiel en een vaak prachtig beslag. Tegen de achterkant van het “stuurhoutje” (opstaand plankje op de achterste plecht) bevindt zich een opklapbaar “harkje” om het roer zonodig vast te kunnen zetten. De doft heeft vaak een mastkoker met klink en soms een overloop, voor de gereefde fok, aan de voorkant. De mast staat ook wat verder naar achteren om een flinke fok mogelijk te maken. Tegenwoordig worden dit “zeepunters” genoemd. Opmerkelijk is dat deze zeepunters hoofdzakelijk in de gemeente Wanneperveen werden gebouwd op 3 werven, notabene alle drie van leden van de familie Huisman (Kettingbrug, de Belt, Ronduite). Gelukkig varen er nog een aantal deels oude originele Gieterse punters rond. Het merendeel van de recreatiepunters is echter geïnspireerd op de voormalige zeepunters, zij het zonder kaar of deken en “ in de lak” (i.p.v. bruine teer). Ook het vlak is vaak wat breder om de stabiliserende invloed van het water (ballast) in het visruim te compenseren.

Zoeken

Agenda